Gemeentelijke handhaving tegen glazenwasser opnieuw onderwerp van discussie
Bij een hoorzitting over handhaving stond opnieuw een glazenwassersbedrijf met Zaanse wortels tegenover de gemeente Zaanstad. Het betrof Glow Multidiensten, een onderneming uit dezelfde familiekring als meerdere andere Multidiensten-bedrijven die eerder al in conflict raakten met de gemeente. De inzet: een dwangsom van €20.000 waarvan de gemeente zegt dat die is verbeurd.
De ondernemer was aanwezig met vrouw en andere familieleden en werd bijgestaan door advocaat Asri Yilmaz. Namen noemen de partijen niet in de zittingstekst; namens het college voerde advocaat Bart Roozendaal het woord. Volgens de stukken is het bedrijf per 22 april 2026 gestopt, en tegen een gelijke verhoogde last van €40.000 is tijdens de zitting het bezwaar ingetrokken omdat er geen dwangsommen onder die verhoogde last zouden zijn verbeurd.
Waar draait het conflict om?
Zaanstad voert aan dat de onderneming feitelijk vanuit een woning in Zaandam-Oost werd geleid, terwijl de inschrijving op een kantooradres in Amsterdam een papieren constructie zou zijn. De gemeente wijst in dat verband op het feit dat op dat Amsterdamse adres honderden bedrijven zijn ingeschreven, en stelt dat de bedrijfsmatige activiteiten niet op dat adres plaatsvonden.
„Papieren constructie”
De advocaat van de ondernemer betoogde dat het enkel aanwezig zijn van materialen in een busje en het vertrek vanaf de woning nog geen bewijs zijn voor een andere organisatorische vestiging. Zij vroeg de gemeente concrete bedrijfsorganisatorische feiten aan te wijzen die aantonen dat de onderneming vanuit Zaandam-Oost werd gedreven.
Wat staat er juridisch op het spel?
Uit de zittingsinformatie blijkt het volgende overzicht:
| Besluit | Bedrag | Status |
|---|---|---|
| Eerste last onder dwangsom | €20.000 | Volgens Zaanstad verbeurd; inning gevraagd |
| Verhoogde last | €40.000 | Bezwaar ingetrokken; geen dwangsommen verbeurd |
De bezwaarmakers geven aan de gemeente te zullen vragen de verhoogde last van €40.000 formeel in te trekken. De discussie over de oorspronkelijke €20.000 blijft daarmee echter voortduren: Zaanstad wil dat bedrag innen en houdt vol dat de last terecht is opgelegd.
Breder patroon: familiebedrijven en vergunningen
Het geschil past in een langer lopend dossier waarbij meerdere ondernemingen uit dezelfde familiekring al eerder tegenover Zaanstad stonden. In eerdere procedures waren CRA Multidiensten, CSM Multidiensten en CMA Multidiensten al bij rechterlijke procedures betrokken. De gemeente ziet in die zaken een terugkerende problematiek rond vestigingsadres, vergunningen en handhaving.
- De kern van de discussie is of een onderneming organisatorisch is gevestigd op het woonadres van de ondernemer of op het geregistreerde kantooradres.
- De gemeente verwijst naar signalen zoals materiaal in voertuigen en vertrek vanaf de woning als aanwijzingen voor lokale bedrijfsvoering.
- De advocaat van de onderneming verlangt concrete, aantoonbare feiten die de gemeentelijke stelling ondersteunen.
Voor Zaanstad gaat het niet alleen om één bedrag, maar ook om handhavingsprecedenten en de waarborging van eerlijk economisch handelen binnen de stad. Voor ondernemers is het een waarschuwing dat registratie en dagelijkse bedrijfsvoering onderwerp van toetsing kunnen zijn.
De zaak is nog niet definitief afgerond. Of en wanneer de gemeente het bedrag van €20.000 zal incasseren, hangt af van de voortgang van de bezwaar- en eventuele beroepsprocedures. Ondernemers en bewoners in Zaanstad zullen de uitkomst volgen, omdat de uitspraak consequenties kan hebben voor vergelijkbare gevallen in de stad.