Het college van Alkmaar heeft een dringend verzoek van minister van Asiel en Immigratie Bart van den Brink afgewezen om extra noodopvang voor asielzoekers en statushouders te organiseren. Het ging onder meer om de optie om een logiesschip in te zetten of andere tijdelijke onderkomens te realiseren. De gemeente stelt dat zij met de bestaande verplichtingen en inzet al voldoende verantwoordelijkheid draagt.
Wijdere opvangcrisis en landelijke cijfers
De landelijke opvangcapaciteit staat volgens de minister zwaar onder druk. Het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) zou een bezettingsgraad van 102 procent hebben. In opvanglocaties verblijven ongeveer 17.000 statushouders, waarvan ongeveer 12.000 langer dan de wettelijke termijn van veertien weken. Deze druk leidt tot situaties zoals in Ter Apel, waar sinds 20 mei sprake is van gecontroleerde toegang.
- COA-bezettingsgraad: 102%
- Aantal statushouders in opvanglocaties: circa 17.000
- Hiervan verblijven circa 12.000 langer dan 14 weken
Drukte in Ter Apel en waarschuwingsscenario van het Rijk
In Ter Apel belanden dagelijks tussen de 100 en 200 mensen in de dag- en nachtopvang; sommige mensen slapen buiten. Minister Van den Brink waarschuwt dat zonder aanvullende maatregelen het tekort aan opvangplaatsen kan oplopen tot 3.600 plaatsen begin januari en mogelijk 7.600 plaatsen in april. In dat licht vroeg de provincie Noord-Holland aan Alkmaar te onderzoeken of de gemeente een logiesschip of andere tijdelijke opvangmogelijkheden kon inzetten.
"De gemeente vindt dat zij met haar bestaande verplichtingen al voldoende verantwoordelijkheid neemt."
Alkmaarse overwegingen
Volgens het Alkmaarse college weegt mee dat de gemeente al verplichtingen heeft via de Spreidingswet en de huisvestingstaakstelling. Alkmaar zegt geen extra tijdelijke opvang- of onderdaklocaties te willen realiseren bovenop die bestaande opgaven. Ook een voorstel om statushouders tijdelijk elders onder te brengen om de doorstroming te bevorderen, vindt de gemeente geen goede optie.
Gevolgen voor lokaal bestuur en inwoners
De keuze van Alkmaar past binnen een afweging tussen medewerking aan landelijke noodmaatregelen en het voldoen aan al bestaande gemeentelijke verplichtingen. Voor inwoners kan dit besluit betekenen dat eventuele extra druk op lokale voorzieningen en de openbare ruimte, als gevolg van tekorten in de landelijke opvang, niet wordt opgevangen binnen de gemeente. Tegelijkertijd benadrukt de gemeente dat zij momenteel volstaat met haar inzet en geen extra locaties wil openen.
| Onderwerp | Cijfer |
|---|---|
| COA-bezetting | 102% |
| Totaal statushouders in opvang | ~17.000 |
| Verblijven langer dan 14 weken | ~12.000 |
| Dagelijkse instroom Ter Apel (dag-/nachtopvang) | 100–200 |
| Geschat tekort begin januari | 3.600 plaatsen |
| Geschat tekort in april | 7.600 plaatsen |
De provincie had Alkmaar specifiek gevraagd te onderzoeken of een logiesschip kon worden ingezet. Dat verzoek wordt nu niet ingewilligd. De afwijzing kan gevolgen hebben voor de regionale verdeling van opvangdruk en voor de manier waarop Rijk en provincies aanvullende noodmaatregelen zullen inzetten. Lokale belangen, beschikbare capaciteit en lange-termijnafspraken met het Rijk blijven leidend in de besluitvorming van het college.
Voor Alkmaarse organisaties die direct met opvang en integratie te maken hebben, blijft de situatie gespannen: enerzijds is er de landelijke oproep tot extra capaciteit om acute tekorten te voorkomen, anderzijds wil de gemeente zich houden aan de bestaande taken en verplichtingen zonder extra tijdelijke locaties te openen.