De Oostsluis bij Terneuzen is opnieuw langer gestremd vanwege de langdurige droogte. De stremming is ten opzichte van de huidige maatregel met twee uur uitgebreid. De overige sluizen bij Terneuzen — de Westsluis en de Nieuwe Sluis — behouden de huidige stremmingsduur.
Achtergrond: besparen op kanaalwater
Sinds begin juli zijn de sluizen in Terneuzen rond laagtij structureel gestremd om het beschikbare zoete water in het kanaal van Gent naar Terneuzen te sparen. Bij elke schutting wordt kanaalwater gebruikt om het waterpeil in de sluizen op hetzelfde niveau te brengen als de Westerschelde. Als de Westerschelde laagt, is daarvoor meer zoet water nodig; daarom worden sluitingen gepland rond laagtij om verbruik te verminderen.
Concreet liggen de Westsluis en de Nieuwe Sluis rond laagtij acht uur buiten gebruik. De Oostsluis was sinds gisteren al voor zes uur gestremd en is nu dus twee uur langer gesloten.
| Sluiskolk | Stremmingsduur rond laagtij |
|---|---|
| Westsluis | 8 uur |
| Nieuwe Sluis | 8 uur |
| Oostsluis | 6 + 2 uur (uitbreiding) |
Waar komt het water vandaan?
Het kanaal van Gent naar Terneuzen wordt op peil gehouden met regenwater dat via Gent wordt aangevoerd. Dat water heeft zijn oorsprong in het Vlaamse en Franse achterland. Door de aanhoudende droogte en het ontbreken van recente neerslag daalt het kanaalpeil. Om te voorkomen dat het peil ontoelaatbaar laag wordt, worden maatregelen getroffen bij de sluizen.
Toekomstverwachting en voorgestelde oplossing
Onderzoek wijst uit dat stremmingen bij de sluizen in Terneuzen in de toekomst vaker kunnen voorkomen als droogteperioden aanhouden. Als mogelijke maatregel is voorgesteld om bij droogte water uit de Westerschelde in te pompen om het kanaalpeil te handhaven. Op dit moment is dat echter niet uitvoerbaar zonder aanvullende beschermende maatregelen, omdat Westerscheldewater zout is en schadelijk kan zijn voor de zoetwaternatuur in de Moervaart, een zijloop van het kanaal over de Belgische grens.
Voordat pompen kunnen worden ingezet om Westerscheldewater in het kanaal te brengen, moeten er eerst maatregelen worden genomen om de zoetwaternatuur te beschermen. Pas daarna kan zouter water op gecontroleerde wijze worden gebruikt zonder risico voor ecologie nabij de grens.
Praktische gevolgen voor scheepvaart en omgeving
De uitbreiding van de stremming van de Oostsluis betekent langere wachttijden voor schippers die het Westerscheldegebied en het kanaal naar Gent aandoen. De plannen voor de andere sluizen blijven ongewijzigd, maar de situatie kan veranderen als het droge weer aanhoudt of als aanvullende waterbesparende maatregelen worden genomen.
- Sinds begin juli: sluizen rond laagtij stelselmatig gestremd.
- Huidige situatie: West- en Nieuwe Sluis ~8 uur buiten gebruik rond laagtij.
- Oostsluis: recent uitgebreid van 6 naar 8 uur stremming.
Voor bewoners en bedrijven in de regio betekent dit niet direct een waterinnameprobleem — het gaat om het beheer van het kanaalpeil en scheepvaartplanning — maar het benadrukt wel de kwetsbaarheid van vitale infrastructuur voor langdurige droogte.
De komende weken zullen volgen of extra beperkingen noodzakelijk zijn en welke beschermingsmaatregelen voor de Moervaart worden genomen alvorens zouter water uit de Westerschelde te betrekken. De situatie blijft dynamisch zolang neerslag uitblijft.