Het kabinet behoudt de geplande versterking van de krijgsmacht ter waarde van €19,3 miljard, maar schuift tegelijkertijd een reeks pijnlijke maatregelen op de lange baan en past enkele voorstellen aan om politieke steun te winnen. Dat blijkt uit de openbaar geworden stukken van de Miljoenennota en de rijksbegroting voor 2027, die normaal gesproken dinsdag door de koning op Prinsjesdag worden gepresenteerd maar nu al uitlekten.
Uitstel en gedeeltelijk afstel
In de stukken is te zien dat het kabinet op meerdere gevoelige punten kiest voor uitstel of beperkt afstel van voorgenomen maatregelen. Een groot deel van de bezuinigingsvoorstellen wordt met een jaar uitgesteld. Daarnaast zijn maatregelen die vooral de kwetsbaren zouden treffen — zoals zorgbehoevenden, werklozen en toekomstige gepensioneerden — voor een deel afgeschaafd en voor een groter deel verschoven.
Een expliciet politiek pijnpunt is de eerder aangekondigde versnelde verhoging van de AOW-leeftijd: die maatregel gaat voorlopig niet door. Ook andere bezuinigingen krijgen tijdelijk respijt, zodat de directe impact op huishoudens in het komend jaar beperkt blijft.
Schuiven met de 'vrijheidsbijdrage'
Een ander centraal onderdeel van de begrotingspolitiek is de zogenoemde vrijheidsbijdrage, de belastingmaatregel waarmee uitgaven aan defensie mede gefinancierd zouden worden. Het kabinet lijkt die maatregel politiek te willen verzachten: de belastingverhoging zelf blijft in de stukken staan, maar het wordt gecombineerd met maatregelen die de koopkracht van werkenden moeten ontzien.
Concreet kiest het kabinet ervoor de belastingkorting voor werkenden te verhogen. Daarmee probeert het kabinet de pijn van hogere belastingen te dempen zonder de defensie-uitgaven te schrappen. De aanpassing reduceert het koopkrachtverlies dat het Centraal Planbureau (CPB) eerder berekende, maar compenseert het niet volledig.
| Element | Effect in begroting |
|---|---|
| Krijgsmacht | €19,3 miljard blijft gepland |
| Belastingkorting werkenden | Verhoogd om koopkrachtverlies te dempen |
| Verhoogde AOW-leeftijd | Voorlopig niet doorgevoerd |
Koopkracht en CPB-rekenmodel
Het CPB berekende in augustus dat het besteedbare inkomen van huishoudens als geheel iets zou verminderen door de eerdere belastingplannen van het kabinet. Door de hogere belastingkorting voor werkenden verbetert die uitkomst iets: waar aanvankelijk een koopkrachtverlies van ongeveer 0,3 procentpunt stond, wordt dat nu een kleiner verlies van ongeveer 0,1 procentpunt.
Het CPB gaf aan dat de oorspronkelijke ingreep economisch draagbaar was, maar politiek gezien is een zichtbaar minnetje onwenselijk. Het kabinet kiest er desondanks voor om de koopkrachtontwikkeling te verzachten met gerichte kortingen in plaats van de belastingmaatregel volledig te schrappen.
Politieke overlevingsstrategie
De samenstelling en keuzes in de Prinsjesdagstukken doen duidelijk vermoeden dat het minderheidskabinet Jetten probeert tegemoet te komen aan wensen uit de oppositie. Door maatregelen uit te stellen, licht af te romen of te combineren met compensaties, zoekt het kabinet steun voor begrotingspunten die zonder aanvullende steun moeilijk door de Kamer zullen komen.
- Belangrijkste prioriteit blijft de defensie-uitgaven van €19,3 miljard.
- Veel maatregelen worden met een jaar uitgesteld om politieke weerstand te verminderen.
- De koopkrachtcompensatie voor werkenden reduceert, maar neutraliseert niet volledig, het CPB-verwachte verlies.
De politieke afwegingen zijn duidelijk: het kabinet kiest voor een mix van uitstel, beperkte afschaffing en budgettaire herverdeling om de begroting door de Tweede Kamer te loodsen zonder de kernprioriteit voor Defensie aan te tasten. Of die strategie op langere termijn houdbaar is, hangt af van de bereidheid van oppositiepartijen om structurele steun te verlenen en van hoe de maatregelen zich zullen vertalen naar reële ervaring bij huishoudens en kwetsbare groepen.