College zoekt ruimere mogelijkheden voor lokale voorrang
Het college van Barendrecht zet in op een substantieel hogere lokale voorrang bij de toewijzing van sociale huurwoningen. Waar de huidige wettelijke grens op 50% ligt, mikt het gemeentebestuur op een aandeel van 60 tot 70% dat prioritair aan inwoners van Barendrecht kan worden toegewezen. Voor die verruiming moet eerst een regionale pilot mogelijk worden gemaakt.
"Barendrecht wil meer sociale huurwoningen met voorrang kunnen toewijzen aan inwoners uit de eigen gemeente."
De stap komt voort uit de zichtbare spanning op de lokale woningmarkt. Het college stelt dat een groter aandeel woningen voor lokale woningzoekenden kan bijdragen aan leefbaarheid en aan het behoud van inwoners die in Barendrecht werken, studeren of hun sociale netwerk hebben. Het voorstel is een beleidsmatige reactie op klachten van woningzoekenden die al jarenlang ingeschreven staan zonder uitzicht op een eigen woning.
Wat betekent de voorgestelde wijziging concreet?
Concreet houdt het voorstel in dat bij sociale huurprojecten 60 tot 70% van de beschikbare woningen een voorkeur kan krijgen voor mensen die op dat moment in Barendrecht wonen. De wettelijke norm staat nu op 50%; alles boven die grens valt buiten de standaard regeling en vereist daarom een regionale uitzondering of pilot.
- Doel: meer woningen reserveren voor lokale inwoners.
- Maatstaf: streven naar 60–70% lokale voorrang tegenover huidige 50%.
- Vereiste stap: deelname aan een regionale pilot om de verruiming te kunnen toepassen.
Regionale pilot als voorwaarde
Het college wil eerst deelnemen aan een regionale pilot die toetsing en tijdelijke verruiming mogelijk moet maken. Dergelijke pilots worden gebruikt om afwijkingen van landelijke of regionale regels gecontroleerd uit te proberen en te evalueren. Ook kan via een pilot worden onderzocht welke effecten een hogere lokale voorrang heeft op woningzoekenden uit omliggende gemeenten en op de doorstroming binnen de regio.
| Huidige wettelijke grens | Voorgesteld door Barendrecht |
|---|---|
| 50% | 60–70% |
De uitkomst van een pilot bepaalt of de gemeente structureel meer ruimte krijgt om lokale voorrang toe te kennen. Zonder pilot blijven gemeenten gebonden aan de landelijke norm.
Regionale afstemming en mogelijke effecten
Een hogere lokale voorrang kan directe gevolgen hebben voor woningzoekenden buiten Barendrecht. Als gemeenten in de regio soortgelijke stappen ondernemen, kan dat leiden tot verschuivingen in de vraag naar woningen in aangrenzende plaatsen. Evenzo kan een grotere lokale focus zorgen voor kortere reistijden naar werk en sociale voorzieningen voor degenen die wél in Barendrecht wonen.
Voor woningcorporaties en projectontwikkelaars betekent de voorgestelde wijziging dat zij bij nieuwbouw- en toewijzingsbeleid rekening moeten houden met lokale prioritering, mits de pilot of een juridische maatregel dit toestaat. De precieze uitvoering, waaronder criteria voor wie als lokaal inwoner wordt aangemerkt en hoe uitzonderingen worden behandeld, moet nog worden uitgewerkt.
Vervolgstappen en besluitvorming
Het college heeft het voornemen geformuleerd; verdere stappen richten zich op deelname aan de regionale pilot en op het uitwerken van uitvoeringselementen in overleg met regionale partners en de woningcorporaties. Pas daarna volgt eventuele aanpassing van de feitelijke toewijzingsregels in Barendrecht.
De kwestie raakt direct aan zorgen die veel inwoners hebben geuit over de woningmarkt. Eerdere berichten en ingezonden brieven onderstrepen dat veel Barendrechters moeite hebben een betaalbare woning binnen de gemeente te vinden. De voorgestelde verruiming is een duidelijk signaal van het college dat het lokaal woonrecht wil versterken — de praktische uitvoering en regionale effecten blijven onderwerp van nadere discussie.