Het westnijlvirus heeft dit jaar in Nederland voor het vijfde geregistreerde overlijden gezorgd. Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) meldt bovendien dat er recent zestien nieuwe meldingen binnenkwamen, waarmee het totaal aantal gemelde menselijke besmettingen op 44 komt. De meeste gevallen zijn vastgesteld in Zuid-Holland, waar tot nu toe 23 mensen infectie hebben opgelopen.
Waar staan we nu?
De nieuwe cijfers tonen een duidelijke concentratie van besmettingen in het westen van het land. Na Zuid-Holland volgt Utrecht met 10 meldingen. Verder werden gevallen aangetroffen in Noord-Holland (4), Noord-Brabant (4), Gelderland (2) en Overijssel (1). Het RIVM benadrukt dat het daadwerkelijke aantal besmettingen vermoedelijk aanzienlijk hoger ligt dan de meldingen.
| Provincie | Aantal meldingen |
|---|---|
| Zuid-Holland | 23 |
| Utrecht | 10 |
| Noord-Holland | 4 |
| Noord-Brabant | 4 |
| Gelderland | 2 |
| Overijssel | 1 |
Hoe raken mensen besmet?
Volgens het RIVM gebeurde bij alle nieuwe patiënten de overdracht door de beet van een besmette mug. Dat benadrukt de rol van muggen in de verspreiding van het virus en onderstreept het belang van preventieve maatregelen, zeker nu de aantallen toenemen in onze regio.
"Alle nieuwe patiënten kregen het westnijlvirus door de beet van een besmette mug"
Ook dieren getroffen
Niet alleen mensen zijn getroffen: in de afgelopen periode zijn 48 nieuwe besmettingen bij paarden en 71 bij vogels gemeld. Deze cijfers wijzen op actieve circulatie van het virus in de natuur en de veehouderijomgeving.
Welk risico loopt het publiek?
Voor de meeste mensen veroorzaakt een infectie met het westnijlvirus geen of slechts milde klachten. In een klein deel van de gevallen ontstaan ernstige gevolgen, zoals een ontsteking van de hersenen, vooral bij ouderen of kwetsbare personen. Bij sommige overledenen is nog niet duidelijk of het virus daadwerkelijk de directe oorzaak van het overlijden was of dat onderliggende kwetsbaarheid daarbij een rol speelde.
Wat doet de bloedbank?
De bloedbank Sanquin Research vond het virus bij een van de onderzochte personen. Als gevolg daarvan is de screening van bloeddonaties hervat en worden in negen provincies alle donaties gecontroleerd op aanwezigheid van het virus. Dat is een veiligheidsmaatregel om overdracht via bloedtransfusies vrijwel uit te sluiten.
- Het virus wordt meestal overgedragen door muggen; mens-op-mens besmetting vindt vrijwel niet plaats, behalve via bloed of organen.
- Screening van bloeddonaties loopt opnieuw in negen provincies.
- Vogel- en paardenpopulaties laten eveneens actieve besmetting zien.
Praktische adviezen voor inwoners
Voor wie in Zuid-Holland en omliggende provincies woont of buitenactiviteiten plant: neem standaardantimugmaatregelen. Dat betekent het vermijden van muggenbeten door passende kleding, gebruik van DEET-houdende middelen waar nodig en het verkleinen van stilstaand water rond woningen waar muggen zich kunnen ontwikkelen. Zorgverleners en huisartsen worden geadviseerd alert te zijn bij patiënten met neurologische klachten en recente muggenbeten.
Wat blijft onduidelijk?
Het RIVM stelt dat de geregistreerde aantallen slechts een deel van de werkelijkheid laten zien. Veel infecties blijven waarschijnlijk onopgemerkt omdat de klachten mild zijn of mensen geen test laten doen. Verder is bij sommige sterfgevallen nog onderzoek nodig om de exacte rol van het virus vast te stellen.
De situatie vraagt om waakzaamheid: de combinatie van groeiende aantallen meldingen, infecties in dieren en de ontdekking bij bloeddonaties onderstreept dat het westnijlvirus dit seizoen actief is in Nederland. Lokale gezondheidsdiensten volgen de situatie en passen maatregelen toe waar nodig.
Voor actuele informatie en advies verwijst het RIVM naar zijn publicaties en waarschuwingen. Bewoners die ernstige symptomen ervaren na een muggenbeet, zoals verwardheid, hoge koorts of neurologische verschijnselen, wordt geadviseerd medische hulp te zoeken.