De financiële positie van Nederlandse ziekenhuizen verbeterde in 2025 licht ten opzichte van het voorgaande jaar, maar dat biedt volgens accountants en adviseurs van BDO geen garantie voor de toekomst. In de BDO-Benchmark Ziekenhuizen 2026 luidt de kernconclusie dat het huidige betaalstelsel ziekenhuizen blijft belonen voor productie, terwijl de sector juist zou moeten investeren in preventie en andere vormen van passende zorg.
Analyse van de cijfers
BDO onderzocht de jaarverslagen van in totaal 61 algemene ziekenhuizen en 7 universitaire medische centra (UMC’s), gebaseerd op openbare stukken tot 1 augustus 2026 over het jaar 2025. Die analyse laat zien dat, ondanks een gematigde verbetering in de financiële resultaten, structurele knelpunten blijven bestaan. Banken, zorgverzekeraars en de overheid worden door BDO expliciet genoemd als partijen die een rol moeten spelen bij het aanpassen van het financieringsmodel.
Waarom het huidige model niet past bij preventie
De benchmark stelt dat de zorg in Nederland al enkele jaren een verschuiving doormaakt van ‘ziekte’ naar ‘gezondheid’. Innovaties en preventieve maatregelen veranderen patiëntstromen en daarmee de bezetting en inkomsten van ziekenhuizen. Een concreet voorbeeld dat BDO aanhaalt is de snelle opkomst van GLP-1-medicatie voor obesitas; deze geneesmiddelen kunnen op termijn leiden tot een lagere zorgvraag en dus tot minder opnames en verrichtingen.
Dat heeft directe financiële consequenties voor ziekenhuizen. Vastgoed en capaciteitsplanning zitten vaak voor tientallen jaren vast, personeelsstructuren zijn lastig om te vormen en lopende kapitaallasten blijven drukken op de begroting. Hierdoor kunnen ziekenhuizen niet van de ene op de andere dag hun bedrijfsvoering aanpassen als de vraag naar zorg verandert.
Wat BDO voorschrijft
BDO pleit voor het beter laten aansluiten van financiële prikkels op de gewenste ontwikkeling in de zorg. Dat betekent dat betalingen en financiering méér zouden moeten belonen wat nu nog onderbelicht is: preventieve zorg, vroegtijdige interventies en zorg die de totale vraag naar ziekenhuiszorg op termijn vermindert.
- Financiële strategie: ziekenhuizen moeten preventie expliciet in hun financiële planning opnemen.
- Bekostigingshervorming: zorgverzekeraars en overheid dienen het huidige productiegerichte model te herijken.
- Banken en kapitaalverstrekkers: moeten rekening houden met veranderende inkomstenpatronen bij het verlenen van leningen en investeringen.
Praktische en beleidsmatige gevolgen
Het rapport benadrukt dat de transitie naar een preventiegericht zorgsysteem tijd en coördinatie vergt. Omdat veel middelen al vastliggen in fysieke infrastructuur en lange arbeidsovereenkomsten, vraagt aanpassing om vooruitziende planning en mogelijk overlappende financieringsvormen die inkomensschommelingen kunnen opvangen tijdens de transitie. Zonder zulke maatregelen lopen ziekenhuizen het risico op financiële spanningen zodra de afname van bepaalde zorgvragen effect krijgt op omzet en investeringsruimte.
| Onderzoek | Omvang |
|---|---|
| Aantal algemene ziekenhuizen | 61 |
| Aantal UMC’s | 7 |
BDO wijst erop dat veranderingen zoals farmacologische innovaties niet alleen klinische consequenties hebben maar ook financieel doorwerken. Daarom zijn voorspellingen en scenarioanalyses nodig zodat ziekenhuizen en geldverstrekkers tijdig kunnen bijsturen.
De boodschap van het onderzoek is helder: de lichte verbetering in 2025 mag niet leiden tot zelfgenoegzaamheid. Om een toekomstbestendige ziekenhuissector te garanderen is een herijking van financiële prikkels onvermijdelijk, met concrete betrokkenheid van zorgverzekeraars, banken en de overheid.
Lees het volledige rapport: BDO-Benchmark Ziekenhuizen 2026.