KAMPEN - Terwijl in grote delen van het Rijnstroomgebied de waterstanden uitzonderlijk laag zijn, blijkt de IJssel ter hoogte van Kampen voldoende op peil om scheepvaart mogelijk te houden. Dat levert de Hanzestad op de korte termijn economisch voordeel op: cruiseschepen die niet op de Rijn kunnen varen, meren steeds vaker in Kampen af om hun passagiers alsnog een volledige tocht en beleving te bieden.
Cruises stappen over naar Kampen
Volgens lokale signalen en observaties door stadsgidsen zien ondernemers in Kampen een toename van toeristen aan boord van dergelijke schepen. Waar vrachtvaart soms lading moet beperken bij lage waterstanden, is dat voor cruises geen optie: passagiers verwachten het volledige programma. Daardoor wijken rederijen uit naar geschikte alternatieve aanlegplaatsen, en Kampen profiteert daarvan.
- Toeristische aanwas: stadsgidsen melden meer bezoek door cruisepassagiers.
- Havenfunctie: Kampen fungeert als alternatief aanlegpunt wanneer delen van de Rijn ongeschikt zijn.
- Beschikbaarheid van veerdiensten: pontjes rondom Kampen blijven in de vaart, in tegenstelling tot sommige andere locaties verder stroomopwaarts.
Waarom blijft het water bij Kampen op peil?
De verschillen in waterstand binnen het Rijnstroomgebied hebben meerdere oorzaken, volgens informatie in de regio. Rijkswaterstaat (RWS) spreekt expliciet over een redelijk normaal peil van de IJssel bij Kampen. Daarbij speelt het IJsselmeer een belangrijke rol: sinds de afsluiting van de Zuiderzee is het IJsselmeer, na 1937, een groot zoetwaterbekken dat waterstanden kan beïnvloeden en bufferend werkt.
"RWS spreekt over een redelijk normaal peil van de IJssel bij Kampen."
Regionale schippers wijzen daarnaast op lokale factoren die een daling op die specifieke hoogte dempen. Het Zwolle-IJsselkanaal, dat het Zwarte Water met de IJssel verbindt, wordt soms geopend waardoor water naar de rivier stroomt. Ook beschrijven schippers een zogenoemd trechtereffect bij vernauwingen in de rivier bij plaatsen als Zalk: die vernauwing kan het water plaatsenstijgen veroorzaken en zo voorkomen dat sommige veerdiensten uit de vaart zouden moeten gaan.
| Factor | Effect bij Kampen |
|---|---|
| IJsselmeer als zoetwaterbekken | Sturende invloed op peil, bufferfunctie |
| Zwolle-IJsselkanaal | Af en toe openzetten verhoogt toevoer naar de IJssel |
| Trechtereffect bij Zalk | Lokale opstuwende werking, beschermt pontverkeer |
Gevolgen voor regio en scheepvaart
In andere delen van het stroomgebied van de Rijn en haar zijrivieren zijn de effecten van de lage waterstanden merkbaar: tussen Gorsel en Wilp richting Deventer zijn al pontjes uit de vaart gehaald en in delen van Gelderland geldt datzelfde probleem voor meerdere veerdiensten. Voor de vrachtvaart betekent een laag peil vaak dat schepen minder lading kunnen meenemen, met economische consequenties stroomopwaarts.
Voor Kampen betekenen de omleidingen van cruisetoeristen een directe toename van bezoekers en mogelijk extra inkomsten voor horeca, rondvaartbedrijven, musea en gidsen. Tegelijkertijd zorgt de huidige situatie ervoor dat lokale vaarwegen en voorzieningen onder de loep komen te liggen: het openzetten van verbindingskanalen en het effect van riviervernauwingen zijn beslissend voor het behoud van reguliere veerdiensten.
Het is onduidelijk hoe lang deze omkerende stroom van cruises naar Kampen zal aanhouden. De bron van de lage waterstanden ligt hoog in het stroomgebied: in de Zwitserse Alpen viel afgelopen winter volgens RWS te weinig sneeuw en door een zeer warm voorjaar smolt de aanwezige sneeuw ongeveer drie maanden eerder dan gebruikelijk. Die omstandigheden beïnvloeden de Rijn en daarmee de zijtakken op termijn.
Voorlopig lijkt Kampen echter tijdelijk te profiteren van zijn ligging en van het stuwende effect van het IJsselmeer. Lokale ondernemers en gidsen houden de ontwikkelingen scherp in de gaten, terwijl Rijkswaterstaat en schippersruimte blijven samenwerken om het scheepvaartverkeer zo goed mogelijk te laten doorgaan.