GRONINGEN – Duurzaamheid is bij FC Groningen niet langer alleen een ambitie, maar ook een voorwaarde die steeds nadrukkelijker in het clubbeleid doorklinkt. Dat blijkt uit het werk van Kaelin Staats (26), die sinds een jaar als duurzaamheidscoördinator voor de club werkt en geconfronteerd wordt met de toenemende eisen vanuit Europese voetbalorganisaties.
Een functie die meer gewicht krijgt
Staats werkt aan het opzetten en uitvoerbaar maken van groene maatregelen binnen de organisatie. Als de club deelname aan Europees voetbal ambieert, krijgt die rol extra status: degene die de verduurzaming leidt, moet volgens de UEFA op managementniveau aantoonbaar deel uitmaken van de organisatie. Voor Staats zou dat in praktijk vooral een titelwijziging betekenen – de inhoud van het werk verandert naar eigen zeggen niet wezenlijk – maar het laat zien dat verduurzamen niet meer vrijblijvend is.
Niet elk stadion of bestuur heeft dezelfde ruimte
Hoewel de EUFA geen gedetailleerde, uniforme checklist voorschrijft, liggen er wel verwachtingen rond aantoonbare inzet en capaciteit. Voor sommige clubs werkt dat als een stimulans; voor anderen vormt het een extra last. Clubs met beperkte middelen of krappe sportieve prioriteiten kunnen verduurzaming moeilijk op de agenda krijgen. Staats erkent die realiteit: voor veel clubs is het balanceren tussen sportieve ambities en investeringen in duurzaamheid.
„Best veel clubs hebben er moeite mee”, zegt Staats over de sectorbreed bestaande opgave. „Het is ook maar in hoeverre je het ziet als een kans of een moetje. En of je die keuze zelfs maar hebt.”
„Het is ook maar in hoeverre je het ziet als een kans of een moetje. En of je die keuze zelfs maar hebt.”
Waarom een clubomgeving anders werkt
Een voetbalclub is volgens Staats geen doorsnee bedrijf. De bedrijfsvoering is breed: van sportparkbeheer en stadionexploitatie tot merchandising en community-relaties. Die veelheid maakt het soms lastig om te bepalen waar je precies het meest effectief kunt verduurzamen. Tegelijk biedt het grote podium van een club ook unieke kansen: merken als FC Groningen kunnen maatschappelijke thema’s zichtbaar maken en partnerschappen vormen die bij reguliere bedrijven meestal lastiger zijn.
Praktische accenten binnen de club
In de praktijk richt de duurzaamheidsaanpak zich op verschillende onderdelen van de clubvoering. Denk aan energiegebruik in het stadion en trainingscomplex, afvalbeheer, mobiliteitskeuzes rondom thuiswedstrijden en de inkoop van materialen. Staats werkt aan beleidslijnen en aan praktisch uitvoerbare projecten die passen bij de omvang en financiële mogelijkheden van de club.
- Focus op meetbare stappen en aantoonbare resultaten voor licenties.
- Samenwerking met sponsors en lokale partners om investeringen te spreiden.
- Bewustwording bij supporters en vrijwilligers als onderdeel van verduurzaming.
Europese licenties en concrete gevolgen
De eisen rond duurzaamheid hebben al directe gevolgen in het voetbal. Als voorbeeld verwijst Staats naar clubs die vanwege gebrek aan duurzame beleidsvoering problemen kregen bij licenties voor Europees voetbal. Voor kleinere clubs is dat een waarschuwing: het ontbreken van beleid kan sportieve kansen beperken.
| Aspect | Effect voor clubs |
|---|---|
| Titel en positie binnen organisatie | Verduurzamingsfunctie op managementniveau vereist voor Europese licenties |
| Praktische uitvoering | Projecten nodig op energie, afval, mobiliteit en inkoop |
Balanceren tussen ambitie en realiteit
Voor FC Groningen blijft de uitdaging om duurzaamheid te combineren met het primaire bedrijfsdoel: voetbalprestaties. Staats benadrukt dat verduurzamen geen doel op zich is, maar onderdeel van toekomstbestendigheid en maatschappelijk verantwoord ondernemen. Het vraagt keuzes en prioritering binnen een organisatie die sterk op het sportieve resultaat is gericht.
De positie van duurzaamheidscoördinator is volgens haar meer dan een loopbaanstap: het is een praktische schakel tussen beleid, uitvoering en verantwoording. Door resultaten meetbaar te maken en partnerschappen te zoeken, probeert de club stappen te zetten zonder het sportieve oogmerk uit het oog te verliezen.
Wat dit betekent voor de regio
Dat een prominente noordelijke club als FC Groningen vaart zet achter verduurzaming heeft ook regionale betekenis. Lokale leveranciers, supporters en gemeenten kunnen betrokken raken bij projecten, waardoor de impact breder wordt dan alleen het stadion. Tegelijk is het een signaal richting andere clubs in de regio: duurzaamheidsbeleid is niet langer louter een ideaal, maar kan concrete consequenties hebben voor sportieve ambities.
Of de titelwijziging naar duurzaamheidsmanager ooit daadwerkelijk volgt, hangt af van toekomstige keuzes binnen de club en de eisen van Europese instanties. Vooralsnog werkt Staats door aan het inbedden van duurzaamheid in de dagelijkse bedrijfsvoering, terwijl zij de praktische snijvlakken tussen voetbal en verduurzaming verkent.
De vraag blijft hoe snel en volledig clubs in Nederland kunnen aanpassen zonder dat de sportieve continuïteit in gevaar komt. Voor FC Groningen is het streven duidelijk: verduurzamen moet realistisch, controleerbaar en onderdeel van de clubcultuur zijn.