DEN HAAG — De kalendergecorrigeerde productie van de Nederlandse industrie lag in juni 4,6% hoger dan in juni 2025, zo maakt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) bekend. Ten opzichte van mei 2026 viel de productie echter terug met 1,3%, na een stijging van 6,8% in mei.
Hoofdpunten van de CBS-cijfers
De ontwikkeling van de industriële productie laat een gemengd beeld zien: op jaarbasis is er groei, maar op maandbasis is er een korte dip. Volgens het CBS groeide in bijna de helft van de onderliggende bedrijfsklassen de productie in juni ten opzichte van hetzelfde kwartaal een jaar eerder.
"Bijna de helft van alle bedrijfsklassen in de industrie produceerde in juni meer dan in dezelfde maand een jaar eerder. Van de acht grootste branches realiseerde de machine-industrie opnieuw de grootste productiestijging, terwijl de reparatie en installatie van machines de grootste daling noteerde", aldus het CBS.
De cijfers laten zien dat de groei niet gelijkmatig verdeeld is over sectoren: sommige takken van de industrie boeken duidelijk vooruitgang, terwijl andere nog te maken hebben met achterblijvende vraag of aangepaste productieplanning.
Wat betekent dit voor Zuid-Holland?
Zuid-Holland huisvest een groot deel van de Nederlandse maakindustrie en logistieke ketens. Een jaar-op-jaar groei van 4,6% is positief voor regionale bedrijvigheid, omdat het wijst op herstel of toegenomen orders in segmenten die hier vertegenwoordigd zijn. Tegelijkertijd kan een maand-op-maand daling van 1,3% duiden op seizoensinvloeden, voorraden die worden afgewerkt of kortetermijnfluctuaties bij toeleveranciers.
Belangrijk voor de regio is dat de machine-industrie — een van de acht grootste branches — opnieuw de sterkste stijging liet zien. Voor bedrijven in Zuid-Holland die onderdelen leveren aan of samenwerken met machinebouwers kan dit ruimte bieden voor extra productie en opdrachtengroei. Daartegenover staan branches als reparatie en installatie van machines, die tijdelijke terugval laten zien, wat gevolgen kan hebben voor dienstverleners en gespecialiseerde onderhoudsbedrijven.
Praktische gevolgen en aandachtspunten
- Werkgelegenheid: structurele groei in productie kan leiden tot extra vraag naar vakmensen; wederom geldt dat sector-verschillen bepalend zijn.
- Logistiek en havenactiviteiten: stijgende productie heeft doorgaans invloed op transportopdrachten, voorraadbeheer en overslag in de Rotterdamse haven en omliggende logistieke hubs.
- Toeleveringsketens: maandelijkse schommelingen kunnen wijzen op timingverschillen in levering en assemblage — leveranciers moeten flexibiliteit behouden.
Regionale overheden en bedrijfsverenigingen zullen de cijfers gebruiken om beleid en ondersteuning aan te passen, bijvoorbeeld bij omscholing, infrastructuur of investeringsstimulering. Voor ondernemers blijft het zaak om de cijfers op sectorniveau te volgen en contacten met afnemers te onderhouden.
Belangrijke cijfers in één oogopslag
| Kenmerk | Waarde |
|---|---|
| Jaar-op-jaar (juni 2026 vs juni 2025) | +4,6% |
| Maand-op-maand (juni vs mei 2026) | -1,3% |
| Stijging in mei (jaar-op-jaar) | +6,8% |
Het CBS signaleert verder dat van de acht grootste branches de machine-industrie opnieuw het sterkst groeide, terwijl de reparatie en installatie van machines de grootste terugval liet zien. Daarmee blijft de samenstelling van de groei wisselend en sectorafhankelijk.
Vervolg: waar op letten in de komende maanden
Voor de korte termijn zijn twee aspecten van belang: de ontwikkeling van de afzetmarkten (zowel binnenland als export) en de beschikbaarheid van grondstoffen en onderdelen. Als de wereldwijde vraag aantrekt blijft de productie omhooggaan; bij geopolitieke of economische tegenwind kunnen de maandelijkse schommelingen groter worden.
Voor ondernemers in Zuid-Holland geldt praktisch advies: bewaak orderportefeuille en voorraden, houd contact met logistieke partners en anticipeer op schommelingen in vraag. Provinciale en lokale instanties kunnen deze CBS-cijfers gebruiken om gerichte ondersteuning te bieden aan sectoren die minder profiteren van de huidige groei.
De komende publicaties van het CBS en sectorrapporten zullen duidelijker maken of de recente maanddaling een eenmalige correctie is of het begin van een langere omslag in de productiecurve.