Het Openbaar Ministerie heeft dinsdag bij de rechtbank in Utrecht zware straffen geëist tegen twee verdachten in een zaak van langdurig en grootschalig seksueel misbruik van oppaskinderen. Tegen de 57-jarige Richard van den B. uit Woudenberg is 30 jaar gevangenisstraf en tbs met dwangverpleging geëist; tegen zijn 34-jarige ex-partner Evertje van E. is 20 jaar gevangenisstraf en tbs gevorderd.
Omvang en aard van het misbruik
Het OM stelt dat het misbruik zich over meerdere jaren uitstrekte en dat de slachtoffers kinderen waren van wie de verdachten het vertrouwen kregen door op hen te passen. De leeftijd van de slachtoffers liep volgens het openbaar ministerie van nul tot tien jaar. In totaal betreft het vijf meisjes en een jongetje; vier van de meisjes waren kinderen van een vriendin van Van E., de overige slachtoffers waren een zoon en een dochter van haar broer.
Justitie spreekt van een uitzonderlijk grote omvang. Op basis van wat het OM een "conservatieve berekening" noemt, zouden de kinderen gezamenlijk 777 keer zijn misbruikt, een periode die volgens het OM neerkomt op ruim 193 uur aan misbruik. Sommige slachtoffers zouden daarvoor zelfs zijn gedrogeerd met GHB, aldus het vervolgingsbeleid.
Motivering van de strafeisen en deskundigenadvies
Het OM benadrukt dat de verdachten de onbevangenheid en veiligheid van de kinderen hebben vernietigd. Over de rol van de twee beschuldigden zegt het OM dat vooral de man, Van den B., de meeste seksueel misbruikplegingen op zijn naam heeft. Deskundigen van het Pieter Baan Centrum hebben volgens justitie geen tbs geadviseerd voor hem, maar het OM vindt de maatregel noodzakelijk om de samenleving te beschermen.
"Zij hebben de onbevangenheid van de slachtoffertjes vernietigd", aldus het OM.
In het dossier wijst het OM ook op een eerder slachtofferoordeel van één kind en op de uitkomst van intensief politieonderzoek na de aanhoudingen begin 2025, toen de omvang van de zaak aan het licht kwam. Tijdens de toelichting op de feiten citeerde het OM een slachtoffer dat Van den B. een "monster" noemde; de aanklagers noemen zijn gedragingen manipulatief en gewelddadig.
Gevolgen voor de verdachten en de slachtoffers
Bij Van E. is volgens justitie een posttraumatische stressstoornis vastgesteld, terugvoerend op seksueel misbruik dat zij in haar tienerjaren door haar vader heeft meegemaakt. Dat aspect speelt volgens het OM een rol in de beoordeling van schuld en risicoprofiel, maar neemt volgens de aanklagers niet weg dat haar gedragingen hebben bijgedragen aan het langdurige misbruik van de kinderen.
- Leeftijd verdachten: 57 en 34 jaar.
- Aantal slachtoffers: 6 kinderen, leeftijd 0–10 jaar.
- Gevorderde straffen: 30 jaar en 20 jaar plus tbs met dwangverpleging.
- Geschat aantal misbruikmomenten: 777; geschatte duur: ruim 193 uur.
| Verdachte | Gevorderde straf | Bijzonderheden |
|---|---|---|
| Richard van den B. (57) | 30 jaar + tbs met dwangverpleging | Meestern van de meeste misbruikhandelingen; Pieter Baan adviseerde geen tbs |
| Evertje van E. (34) | 20 jaar + tbs met dwangverpleging | Bij haar is PTSS vastgesteld |
De officieren van justitie hebben gezegd te hebben gezocht naar een woord dat de lading van de zaak dekt, maar dat zij dat niet konden vinden. Zij benadrukten dat de kinderen keer op keer ongehoord en onbeschermd zijn misbruikt, ondanks herhaalde signalen van pijn en leed.
Procesverloop
De verdachten werden begin 2025, na meldingen door een kind aan haar moeder, enige tijd na elkaar gearresteerd. Sindsdien voerde de politie en het OM intensief onderzoek uit, waarbij de omvang van het misbruik naar voren kwam. De rechtbank in Utrecht behandelt de zaak; verdere zittingsdata en het vonnis volgen nog.
De zaak roept vragen op over toezicht en bescherming van kinderen in de privésfeer, over de rol van hulpverleners en over de aanpak van daders die binnen het vertrouwen van families opereren. Het OM eist zware maatregelen met het oog op zowel strafrechtelijke vergelding als bescherming van de samenleving.