College wil middelen richten op lokale culturele basis
Het college van Den Haag heeft besloten zich niet langer kandidaat te stellen voor de titel Culturele Hoofdstad van Europa 2033. In een toelichting schrijft het college dat het de inzet en de beschikbare middelen liever richt op het versterken van de culturele basis in de stad. Het besluit wijkt af van eerdere plannen die begin juli nog anders waren geformuleerd, maar sluit aan bij afspraken in het onlangs gesloten coalitieakkoord “Voor Den Haag, met Den Haag”.
De gemeente stelt expliciet dat de middelen voor cultuur in de stad schaarse middelen zijn en dat prioriteiten moeten worden gesteld. Het afzien van een kandidatuur voorkomt volgens het college dat deze beperkte financiële ruimte wordt opgesoupeerd door een grootschalig bidtraject en de uitvoering van een titeljaar, en maakt ruimte voor investeringen in de fundamenten van het Haagse culturele veld.
Gevolgen voor cultuurorganisaties en beleid
Voor culturele instellingen in Den Haag betekent dit besluit concreet dat er geen extra gemeentelijke inzet komt vanuit een kandidatuur richting 2033. Dat kan uiteenlopende gevolgen hebben: van het niet beschikbaar komen van nieuwe projectsubsidies gekoppeld aan een titeljaar tot een veranderde gemeentelijke focus op structurele steun en infrastructuur.
Lokale gezelschappen en instellingen die zich mogelijk al hadden voorbereid op projecten in het kader van een kandidaatstelling zullen hun programmering en financieringsplannen moeten herijken. Het college noemt geen bedragen of concrete herverdeelscenario’s; wel benadrukt het de noodzaak om met beperkte middelen te kiezen voor versterking van de culturele basis.
Wie blijven er over in de race?
Voor zover openbaar gemaakt, blijven op dit moment drie gemeenten over die zich serieus kandidaat tonen voor de titel 2033:
- Groningen
- Nijmegen (heeft een website gelanceerd voor de kandidatuur)
- Heerlen (zoekt nog draagvlak binnen de Parkstadregio van zeven gemeenten)
Heerlen werkt naar verluidt nog aan regionale steun; colleges van Kerkrade, Beekdaelen, Brunssum en Voerendaal zouden hun steun hebben toegezegd. Eerder deze week leek ook Zwolle een kandidaat te worden, maar die ambitie is volgens een gemeentewoordvoerder inmiddels gesneuveld vanwege andere investeringsprioriteiten in de cultuursector.
"de inzet en middelen richten op het versterken van de culturele basis in de stad"
Kalender en procedure
De procedure voor de titel begint formeel al eind 2026, wanneer gemeenten zich officieel moeten aanmelden bij het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW). In 2027 vraagt het ministerie aan de kandidaten om een eerste bidbook met plannen en een begroting. De definitieve keuze wordt in het voorjaar van 2029 door een Europese jury gemaakt.
| Termijn | Actie |
|---|---|
| Eind 2026 | Officiële aanmelding bij OCW |
| 2027 | Indienen eerste bidbook met plannen en begroting |
| Voorjaar 2029 | Besluit door Europese jury |
Lokale context en politieke keuze
Het terugtrekken van Den Haag past in het coalitieakkoord dat de nieuwe meerderheid onlangs presenteerde. De politieke afweging komt neer op een keuze tussen zichtbaarheid en prestige enerzijds en het opbouwen van een breed draagvlak en duurzame culturele infrastructuur anderzijds. Het college lijkt daarmee te kiezen voor de lange termijn: investeren in de culturele basis, in plaats van inzetten op een titeljaar waarvan de baten voor de stad onzeker zijn.
De impact van het besluit zal de komende maanden duidelijker worden wanneer de gemeente communiceert hoe de vrijkomende inzet en middelen concreet worden herverdeeld. Voor nu geldt dat Den Haag zich terugtrekt uit de competitie en dat de strijd om 2033 doorgaat met een kleinere groep kandidaten.