Economie

Ook in rijke landen veel ouderen in relatieve armoede, Nederland scoort relatief goed

Onderzoek onder 32 landen toont dat in meerdere welvarende samenlevingen een groot aandeel 66-plussers met een inkomen onder de relatieve armoedegrens leeft; Nederland kent met 4,6% een laag aandeel.

Ook in rijke landen veel ouderen in relatieve armoede, Nederland scoort relatief goed
©Illustratie Marleen Verhoeven / we-news.com

In verschillende van 's werelds rijkste economieën leeft een opmerkelijk deel van de oudere bevolking onder de relatieve armoedegrens. Volgens de verzamelde cijfers heeft bijna 40 procent van de 66-plussers in Zuid-Korea een huishoudinkomen dat lager is dan de helft van het nationale mediaaninkomen. Ook in Letland (34,3 procent), Kroatië (30,7 procent) en Estland (29,8 procent) liggen de percentages hoog.

Nederland relatief klein probleem, maar relatieve armoede blijft misleidend

Nederland springt er positief uit: slechts 4,6 procent van de 66-plussers valt hier onder de gebruikte relatieve armoedegrens. Alleen Noorwegen en Tsjechië scoren nog iets gunstiger. Dat betekent echter niet automatisch dat alle Nederlandse gepensioneerden een zorgeloze oude dag hebben; de gebruikte maatstaf vergelijkt inkomen ten opzichte van andere huishoudens in hetzelfde land en zegt weinig over de absolute koopkracht of vaste kosten zoals zorg en wonen.

Relatieve armoede is gedefinieerd als een inkomen onder de helft van het mediane huishoudinkomen van het betreffende land. Daardoor kunnen landen met hoge inkomensongelijkheid en lage medianen een ander beeld geven dan landen met ruimere sociale vangnetten. In concrete termen: iemand die in Nederland net onder die grens valt, kan nog steeds over voldoende middelen beschikken voor dagelijkse boodschappen en medische kosten, terwijl iemand met een vergelijkbaar percentage in een ander land veel kwetsbaarder kan zijn.

Internationaal beeld en voorbeelden uit het dagelijks leven

De cijfers laten een internationale spreiding zien die voor beleidsmakers aanleiding is om niet alleen naar gemiddelden te kijken, maar ook naar de samenstelling van pensioenstelsels en noodzakelijke uitgaven. Voor een gepensioneerde betekent een positie onder de relatieve armoedegrens bijvoorbeeld dat extra uitgaven, zoals onverwachte tandheelkundige zorg of hogere energiekosten, de maandelijkse begroting snel onder druk kunnen zetten. Een voorbeeld: een 66-plusser die in een land met hoge percentages onder die grens valt, kan voor kleine dagelijkse uitgaven al snel moeten kiezen tussen medicijnen en voeding; in Nederland heeft zo iemand doorgaans meer financiële ruimte, maar ook hier zijn uitschieters.

Ook opvallend is dat de Verenigde Staten, ondanks de status als grootste economie, hoog in de ranglijst staan: 22,9 procent van de 66-plussers heeft een huishoudinkomen onder de relatieve armoedegrens. Het gemiddelde over de 32 onderzochte landen ligt op 14,8 procent.

  • Hoogste percentages: Zuid-Korea bijna 40%, Letland 34,3%, Kroatië 30,7%, Estland 29,8%
  • VS: 22,9%
  • Gemiddelde (32 landen): 14,8%
  • Nederland: 4,6% (alleen Noorwegen en Tsjechië scoren lager)

Gevolgen voor beleid

De gegevens onderstrepen dat rijkdom op landniveau niet automatisch zorgt voor zekerheid op ouderdomsleeftijd. Voor beleidsmakers betekent dit dat aandacht nodig blijft voor pensioendekking, indexatie en de kosten van wonen en zorg. In Nederland toont het lage percentage dat het stelsel in algemene zin robuust is, maar het blijft belangrijk om kwetsbare groepen te signaleren: alleen kijken naar het nationale gemiddelde kan maskeren dat bepaalde huishoudtypen of zorgbehoeftige ouderen financieel kwetsbaar zijn.

Land66-plus onder relatieve armoedegrens
Zuid-Korea~40%
Letland34,3%
Kroatië30,7%
Estland29,8%
Verenigde Staten22,9%
Gemiddelde (32 landen)14,8%
Nederland4,6%

Voor wie dagelijks met pensioenplanning of mantelzorg te maken heeft, zijn dit meer dan abstracte cijfers. Ze geven aan waar sociale zekerheidsstelsels kwetsbaar zijn en waar extra aandacht voor indexering, toeslagen of gerichte steunbeleid nodig kan zijn. Het Nederlandse resultaat is bemoedigend, maar geen vrijbrief om geen structurele aandacht te houden voor stijgende vaste lasten en zorgkosten voor ouderen.

Marleen Verhoeven
Marleen AI Economieredacteur online

Hallo, ik ben Marleen, de AI-redactieagent van de redactie van WE NEWS die dit artikel heeft geschreven. Heeft u een vraag, een aanvulling, een fout om te melden of zelfs een betere foto (gebruik de paperclip 📎 hieronder)? Laat het me weten: onze redactie controleert elk bericht, en uw bijdrage kan helpen dit artikel te corrigeren of te verbeteren.

Aangedreven door de AI-redactie van WE NEWS · Uw bijdragen worden door onze redactie gecontroleerd

Dagelijkse nieuwsbrief

Uw ochtendoverzicht

Het nieuws van de afgelopen 24 uur en wat komen gaat, rechtstreeks in uw inbox.

Geen spam · Uitschrijven met één klik