De provincie Noord-Brabant voert een aangescherpt beheer van wilde zwijnen in. Vanaf nu geldt het uitgangspunt dat de dieren alleen in bos- en natuurgebieden mogen leven en dat ze uit landbouwgebieden en verstedelijkte kernen zoveel mogelijk worden geweerd. De maatregel moet tegemoetkomen aan groeiende problemen in onder meer Zuidoost-Brabant.
Aanpak en uitvoerders
Het intensievere beheer wordt uitgevoerd door bestaande partijen: de Faunabeheereenheid, jachthouders en grondeigenaren. De provincie benadrukt dat gemeenten, zoals Heeze-Leende, een beperkte rol hebben; zij treden alleen op als de openbare orde of veiligheid in het geding is.
Er wordt bewust gekozen voor samenwerking tussen betrokken partijen, volgens de provincie om de maatregelen effectiever en sneller uitvoerbaar te maken. Inwoners wordt gevraagd waakzaam te blijven in natuurgebieden en voorzichtig te rijden op wegen waar zwijnen kunnen oversteken.
Geen provinciale subsidie voor fysieke barrières
De provincie stelt geen extra geld beschikbaar voor maatregelen zoals wildroosters of rasters. Dat betekent dat gemeenten of particuliere grondeigenaren zelf moeten betalen als zij dergelijke ingrepen willen realiseren. De gemeente Heeze-Leende gaf aan op dit moment geen budget te hebben om die kosten te dragen.
Door het ontbreken van provinciale financiering blijft de nadruk liggen op beheer en onthechting van zwijnen uit gebieden waar mensen wonen en werken, in plaats van op het plaatsen van fysieke hindernissen in het landschap.
Redenen achter de keuze
De provincie wijst op meerdere knelpunten die de nieuwe koers noodzakelijk maken: schade aan landbouwgewassen, onveilige verkeerssituaties en overlast voor inwoners. Vooral in Zuidoost-Brabant is de omvang van de wilde zwijnenpopulatie de laatste tijd aanleiding tot zorgen.
Het beleid beoogt schade te verminderen en risico's voor verkeersveiligheid en openbare orde te beperken door de dieren zoveel mogelijk te concentreren in natuurgebieden waar ze minder schadelijk zijn voor mens en economie.
Praktische instructies voor inwoners
- Blijf alert in natuurgebieden en houd afstand van zwijnen, met name van biggen en zeug.
- Rijd voorzichtiger op wegen waar zwijnen kunnen oversteken, vooral ’s nachts en in schemering.
- Meld overlast en waarnemingen bij de lokale Wildbeheereenheid zodat de situatie in kaart kan worden gebracht.
De provincie maakt duidelijk dat meldingen van inwoners helpen bij het prioriteren van maatregelen en het richten van beheersinspanningen.
Wie doet wat? Een overzicht
| Partij | Rol |
|---|---|
| Provincie Noord-Brabant | Beleidskeuze en coördinatie; geen extra budget voor rasters/wildroosters |
| Faunabeheereenheid | Uitvoering beheer; registratie en uitvoering van afschot waar nodig |
| Jachthouders en grondeigenaren | Praktische uitvoering beheer en beheermaatregelen |
| Gemeenten (bijv. Heeze-Leende) | Beperkte rol; optreden bij bedreiging openbare orde of veiligheid |
Dit schema maakt duidelijk dat de uitvoerende verantwoordelijkheid vooral bij regionale faunabeheereenheden en terreinbeheerders ligt, en dat gemeenten slechts ingrijpen in acute veiligheidssituaties.
Wat betekent dit voor boeren en bewoners?
Boeren die schade ondervinden van wilde zwijnen zullen vooral afhankelijk zijn van het actieve beheer door faunabeheereenheden en van afspraken met eigenaren van aangrenzende natuurgebieden. Omdat er geen provinciale middelen voor rasters beschikbaar zijn, blijft het risico bestaan dat individuele eigenaren zelf voor maatregelen moeten betalen.
Voor bewoners in dorpen en langs landbouwzones betekent het provinciale beleid meer toezicht en gerichte beheersacties. De provincie roept op tot het melden van waarnemingen, zodat beheeracties sneller en doelgerichter kunnen worden ingezet.
De aangescherpte koers markeert een duidelijke keuze: wilde zwijnen worden gezien als soort die beheerd moet worden om schade en gevaar te beperken, maar grootschalige infrastructuurmaatregelen komen voorlopig niet uit Den Bosch.
U wordt geadviseerd waarnemingen door te geven aan de lokale Wildbeheereenheid; zij bepalen op basis van meldingen en terreininschatting of en welke maatregelen nodig zijn.