De Duitse economie oogt sterker dan eerder gedacht: vijf onderzoeksinstituten hebben hun groeiramingen voor volgend jaar naar boven bijgesteld en noemen vooral sterke export en grote overheidsinvesteringen in defensie en infrastructuur als drijfveren. Tegelijk waarschuwen de onderzoekers dat het herstel op een kwetsbaar fundament rust.
Wat is er bijgesteld?
De gezamenlijke prognoses van DIW, Ifo, IfW, IWH en RWI, die elk halfjaar aan het Duitse ministerie van Economische Zaken worden gepresenteerd, laten voor komend jaar een groei van 1,1 procent zien. Dat is hoger dan de eerdere inschatting van 0,9 procent. Voor 2028 wordt echter een forse afkoeling verwacht naar slechts 0,4 procent groei.
| Jaar | Vorige prognose | Nieuwe prognose |
|---|---|---|
| 2027 | 0,9% | 1,1% |
| 2028 | — | 0,4% |
Waarom beter dan verwacht?
- Export: de instituten noemen de uitvoer als belangrijke motor van het herstel.
- Overheidsinvesteringen: extra uitgaven aan defensie en infrastructuur compenseren zwakkere bedrijfsinvesteringen en consumentenbestedingen.
De onderzoekers stellen dat de zwakte bij bedrijfsinvesteringen en de terughoudendheid van consumenten deels zijn gecompenseerd door bovenstaand speelveld. Dat betekent concreet dat orderboeken bij exportgerichte bedrijven aanhouden en dat publieke projecten werkgelegenheid kunnen ondersteunen.
Risico’s en structurele problemen
Ondanks de opwaardering waarschuwen de instituten voor blijvende kwetsbaarheden. Ze wijzen op hoge energieprijzen en demografische ontwikkeling — vergrijzing — als factoren die de economische groei op de langere termijn drukken. Ook werd eerder gevreesd voor negatieve effecten van de oorlog in het Midden‑Oosten en de sterk gestegen brandstofprijzen, maar volgens de onderzoekers is die impact tot nu toe minder groot dan verwacht.
Politieke onzekerheid speelt eveneens een rol. Bondskanselier Friedrich Merz heeft de economie als prioriteit benoemd en aangedragen maatregelen zoals het verminderen van bureaucratische regeldruk en lagere belastingen voor bedrijven. Die voorstellen moeten het concurrentievermogen volgens hem versterken, maar de daadwerkelijke uitvoering hangt af van politieke haalbaarheid.
Het Duitse bedrijfsleven roept al langer om structurele hervormingen om de economie weerbaarder te maken. Een belangrijke graadmeter voor ondernemersvertrouwen bereikte recent het hoogste niveau in meer dan een jaar, wat duidt op verbeterd sentiment onder bedrijven.
Commentaar van economen
ING‑econoom Carsten Brzeski zegt in een toelichting dat de Duitse economie veerkrachtiger blijkt dan verwacht tegen de druk van hoge energieprijzen en de klimatologische verstoringen van afgelopen zomer. Tegelijk waarschuwt hij voor het onrustige politieke landschap dat onzekerheid creëert rond de uitvoering van structurele hervormingen.
Voor de Nederlandse economie is het verbeterde Duitse beeld relevant: Duitsland is een van de belangrijkste handelspartners. In de praktijk kan dat bijvoorbeeld betekenen dat aannemers en toeleveranciers in Nederland meer opdrachten krijgen als Duitse infrastructurele projecten toenemen, of dat logistieke routes vaker worden benut wanneer de export aantrekt.
Toch is het herstel volgens de instituten niet onomstotelijk: de hogere prognose voor 2027 moet niet verward worden met een duurzaam omslagpunt. De verwachting voor 2028 onderstreept dat groei op korte termijn mogelijk is, maar dat onderliggende uitdagingen — zoals energie‑ en demografische druk — nog steeds gewicht in de schaal leggen.
Voor beleidsmakers blijft de opgave tweeledig: profiteren van het huidige momentum zonder de lange termijnrisico’s uit het oog te verliezen. Voor bedrijven en huishoudens betekent dit een afgewogen houding: kansen benutten, maar rekening houden met mogelijk slechtere omstandigheden zodra de overheidsimpulsen uitzwakken.
— Economieredactie