De regering heeft in het Belastingplan 2027 vastgelegd dat een zakelijke auto in 2027 minstens 17 jaar oud moet zijn om in aanmerking te komen voor de youngtimerregeling. Vanaf 1 januari 2028 gaat de grens naar 20 jaar en daar blijft het bij. De eerder aangekondigde verhoging naar 25 jaar is van de baan.
Terugdraaien van eerdere plannen
In 2025 was het nog aangekondigd dat de leeftijdsgrens in 2027 naar 25 jaar zou gaan, met een tussenstap naar 16 jaar in 2026. Die plannen leidden tot felle kritiek en praktisch probleem bij handelaren in youngtimers en bij rijders die gebruikmaken van de regeling. De aangekondigde aanscherping werd daarna aangepast: de stap naar 16 jaar in 2026 is teruggedraaid en de voorgenomen verdere versobering is uiteindelijk niet doorgevoerd.
Wat de nieuwe regeling betekent
De aanpassing in het Belastingplan betekent dat voertuigen die jonger zijn dan de genoemde grens niet onder de gunstiger youngtimerregeling vallen en dus voor de bijtelling doorgaans worden berekend op basis van de nieuwwaarde in plaats van de dagwaarde. Voor liefhebbers en handelaren biedt de uiteindelijke maatregel van 20 jaar vanaf 2028 meer duidelijkheid dan de eerder voorgestelde 25-jarige grens. Een auto van 20 jaar oud is in de praktijk ook doorgaans makkelijker in dagelijks gebruik dan een auto van 25 jaar.
Overgangsregeling en vreemde effecten
Er geldt overgangsrecht voor auto's die in 2026 al onder de youngtimerregeling vielen maar in 2027 17 jaar worden: zij mogen het hele jaar 2027 nog gebruikmaken van de regeling, ook als het voertuig pas later in het jaar 17 jaar oud wordt. Desondanks ontstaan er volgens de toelichting van betrokkenen nog steeds onwenselijke en onlogische situaties.
Zo kan een auto die in 2027 onder de regeling valt omdat hij 18 jaar oud is, in 2028 buiten de regeling vallen en vanaf 2029 opnieuw in aanmerking komen. Bij een voertuig dat in 2027 17 jaar oud is, kan een eigenaar twee jaar moeten wachten voordat hij weer gunstig kan bijtellen.
- 2025: oorspronkelijke aankondiging verhoging naar 25 jaar (gelekt/voorstel).
- 2026: aangekondigde tussenstap naar 16 jaar later teruggedraaid.
- 2027: youngtimergrens definitief 17 jaar, met overgangsrecht voor bestaande gevallen.
- 2028: grens stijgt naar 20 jaar en blijft vervolgens gehandhaafd.
| Jaar | Minimale leeftijd youngtimer |
|---|---|
| 2026 | geen wijziging (tussenstap 16 jaar teruggedraaid) |
| 2027 | 17 jaar |
| 2028 en verder | 20 jaar |
Reacties uit de branche
Specialisten in youngtimers reageerden opgelucht dat de meest ingrijpende maatregel — de sprong naar 25 jaar — van tafel is. Voor veel handelaren was de eerdere aankondiging aanleiding om de handel stil te leggen; zij bleven met voorraden zitten die tijdelijk weinig waarde leken te hebben. Voor huidige gebruikers van de regeling is het besluit eveneens positief: zij ontwijken de directe, forse stijging van de bijtelling die bij de eerdere voorstellen dreigde.
Toch blijft de nieuwe regeling volgens critici en deskundigen onbevredigend vanwege de complexiteit rond overgangsregels en de mogelijkheid van terugkerende, ogenschijnlijk arbitraire uitsluitingen en toelatingen van specifieke bouwjaren over opeenvolgende jaren.
Een belangrijk element in de toelichting is dat er geen bevriezing van bouwjaren is opgenomen; expliciet is genoemd dat auto’s van 2013 en nieuwer niet definitief uitgesloten worden voor de toekomst. Daarmee blijft voor sommige voertuigeigenaren een zeker perspectief bestaan dat hun auto later toch weer als youngtimer kan gelden.
Voor zakelijke rijders en kopers van klassieke, oudere auto’s is het nu zaak de fiscale gevolgen per voertuig jaar voor jaar te blijven volgen en bij twijfel belastingadvies in te winnen, zeker wanneer het bouwjaar van een auto rond de grensjaren ligt.