De provincie Limburg liet tussen 2020 en 2025 1.468 nesten van de geelpoothoornaar verwijderen. Dat blijkt uit recente cijfers die laten zien dat Limburg het zwaarst te lijden heeft onder de verspreiding van deze invasieve wespensoort. Het aantal verwijderde nesten in Limburg is hoger dan in alle noordelijke provincies samen; Noord-Brabant volgt op afstand met 1.379 verwijderde nesten en Zeeland staat op de derde plaats met 1.035.
Waarom juist Limburg?
De geelpoothoornaar werd voor het eerst in 2017 in Zuid-Nederland waargenomen en heeft zich sindsdien noordwaarts uitgebreid. Volgens onderzoekers spelen lokale omstandigheden een grote rol bij de sterke aanwezigheid in Limburg. Het relatief warmere klimaat, gecombineerd met de vroege bloei van planten en fruitbomen, biedt de wespen een geschikte leefomgeving. Akkerbouwgebieden waar veel pesticiden worden gebruikt lijken minder aantrekkelijk voor de soort.
Veranderingen in beleid en verantwoordelijkheid
Oorspronkelijk stelde de landelijke overheid zich ten doel de soort volledig uit te roeien. Die strategie is inmiddels verlaten omdat de geelpoothoornaar te wijdverspreid bleek. De aanpak is verschoven naar beheersing. Limburg volgde die nationale lijn en wijzigde vorig jaar ook haar werkwijze: gemeenten en terreinbeheerders zijn nu primair verantwoordelijk voor het opsporen en laten verwijderen van nesten.
De provincie grijpt alleen nog in wanneer een nest direct een gevaar vormt voor de biodiversiteit, bijvoorbeeld als het in of vlakbij een natuurgebied staat. Die beleidswijziging heeft praktische gevolgen voor bewoners en beheerders: meldingen gaan in eerste instantie naar lokale instanties en niet meer automatisch naar provinciale teams.
- 2020–2025 verwijderde nesten: Limburg 1.468, Noord-Brabant 1.379, Zeeland 1.035
- Eerste waarneming in Nederland: 2017 (Zuid-Nederland)
- Huidige aanpak: van uitroeiing naar beheersing; gemeenten en terreinbeheerders dragen verantwoordelijkheid
Gevolgen voor biodiversiteit en imkers
De geelpoothoornaar jaagt op bestuivers zoals bijen en hommels en kan complete bijenvolken bedreigen. Voor imkers en beheerders van natuurterreinen is dat een punt van zorg: verlies aan bestuivers heeft doorwerkingen voor fruitteelt en natuurherstel. De provincie grijpt alleen in bij direct risico voor biodiversiteit, wat betekent dat gevoelige locaties prioriteit krijgen bij acties.
Praktische adviezen voor bewoners
Mensen wordt geadviseerd afstand te houden van nesten en geen eigen acties te ondernemen. Een verstoorde wesp kan gevaarlijk steken en daarmee risico voor omstanders opleveren. Omdat gemeenten en terreinbeheerders nu verantwoordelijk zijn voor verwijdering, is het raadzaam om meldingen via lokale kanalen te doen zodat professionele teams kunnen beoordelen of en wanneer ingrijpen noodzakelijk is.
| Provincie | Verwijderde nesten (2020–2025) |
|---|---|
| Limburg | 1.468 |
| Noord-Brabant | 1.379 |
| Zeeland | 1.035 |
Wat betekent dit voor de grensregio?
Als grensprovincie met veel boomgaard- en fruitteeltgebieden en uitgestrekte natuurpercelen ziet Limburg de effecten van de invasie duidelijk terug. De combinatie van terroir, klimaat en agrarische praktijken maakt delen van Limburg aantrekkelijk voor de wesp. Voor grensoverschrijdende samenwerking met Belgische partners kan dit aanleiding zijn tot afstemming van meldprocedures en bestrijdingsmaatregelen, zeker op plaatsen waar natuur- en landbouwgebieden elkaar raken.
De nadruk op beheersing in plaats van uitroeiing betekent dat handelen verschuift naar lokaal niveau: bewoners, imkers, terreinbeheerders en gemeenten moeten goed samenwerken om risico’s te beperken en biodiversiteit zoveel mogelijk te beschermen. Voor verdachte nesten blijft de kernboodschap hetzelfde: houd afstand en meld bij de lokale instanties zodat professionals kunnen ingrijpen.