De provincie heeft bevestigd dat een van de pluimveehouders bij wie zij wil ingrijpen eerder toestemming kreeg om het aantal dieren op zijn bedrijf te verhogen. Tegelijk blijkt dat het huidige aantal dieren veel hoger is dan zowel de oorspronkelijke vergunning als die oude toestemming toestaan, waardoor handhaving en mogelijk intrekking van vergunningen op tafel liggen.
Wat speelt er precies?
Provinciale controle leidde vorige week tot de aankondiging dat er wordt opgetreden tegen twee kippenbedrijven die meer dieren houden dan in hun vergunning staat. Die twee maken deel uit van een groep van vijf bedrijven waarvan de provincie overweegt de vergunning in te trekken. Bij het onderzoek kwam naar voren dat één van de bedrijven in Heusden (gemeente Asten) op dit moment 154.780 kippen huisvest, terwijl volgens de vergunning maximaal 89.500 dieren zijn toegestaan.
De betrokken pluimveehouder zei eerder tegen Omroep Brabant dat hij meerdere keren een verzoek had ingediend om zijn vergunning aan te passen. Hij gaf daarbij aan dat die verzoeken door de provincie meerdere malen werden afgewezen. De provincie bevestigt dat bij één aanvraag sprake was van een formele 'positieve weigering', maar stelt dat die beslissing lange tijd geleden is genomen en dat de huidige situatie niet onder die toestemming valt.
"We hebben meerdere keren een verzoek ingediend om een aanpassing op onze vergunning te krijgen"
Waarom ontstond onduidelijkheid over vergunningen?
De pluimveehouder stelt dat hij maatregelen had genomen om de stikstofuitstoot terug te dringen en dat dit, gecombineerd met extra dieren, op papier niet tot een hogere totale uitstoot leidde. Daardoor zou een nieuwe of gewijzigde vergunning niet noodzakelijk zijn geweest. De provincie laat weten dat het bedrijf inmiddels zelfs het aantal dieren overschrijdt dat ooit door de provincie was toegestaan.
Daarnaast wijst de provincie op jurisprudentie die twijfel zaaide over de doeltreffendheid van aangevoerde technische maatregelen. Volgens rechterlijke uitspraken bleken beloften van fabrikanten over de effectiviteit van voorzieningen zoals luchtwassers in sommige gevallen minder groot dan voorgesteld. Daardoor hebben meerdere bedrijven alsnog een vergunning nodig gekregen, ook als zij eerder dachten binnen de regels te blijven.
Een tweede bedrijf: Helenaveen
De andere pluimveehouder waar de provincie tegen wil optreden komt uit Helenaveen (gemeente Deurne). Hij houdt nu 32.999 kippen, terwijl zijn vergunning maximaal 15.770 toestaat. De boer stelt dat hij toestemming had gekregen om uit te breiden zonder een formele wijziging van de vergunning, maar de provincie verklaart dat zij dit zonder dossieronderzoek niet kan bevestigen.
| Locatie | Toegestaan | Actueel aantal |
|---|---|---|
| Heusden (gemeente Asten) | 89.500 | 154.780 |
| Helenaveen (gemeente Deurne) | 15.770 | 32.999 |
Handhaving en mogelijke gevolgen
De provincie heeft aangegeven dat zij bij meerdere bedrijven wil ingrijpen en dat zij serieus kijkt naar het intrekken van vergunningen voor vijf ondernemingen. Voor de betrokken boeren betekent dat onzekerheid over de bedrijfsvoering en mogelijke verplichtingen tot terugdringing van dieren of aanpassing van bedrijfsvoering.
Voor omwonenden en de omgeving speelt de stikstofdiscussie al langer: ruimtelijke plannen, natuurherstel en vergunningverlening staan in veel Brabantse gemeenten onder druk door landelijke en provinciale regelgeving. Technische oplossingen om emissies te beperken worden niet langer automatisch vrijgesproken: zij moeten aantoonbaar zijn en blijven voldoen aan de eisen.
- De provincie voert controles uit en heeft bij twee bedrijven reeds aangekondigd in te grijpen.
- Eén bedrijf kreeg vroeger een beperkte toestemming, maar overschrijdt die nu ruimschoots.
- Rechtspraak over de effectiviteit van technische maatregelen beïnvloedt vergunningverlening en handhaving.
Praktische vragen voor boeren en omwonenden
Voor agrariërs betekent dit dat aanvragen en wijzigingen van vergunningen zorgvuldig moeten worden gedocumenteerd, vooral wanneer emissiereducerende maatregelen worden ingezet. Voor omwonenden en beleidsmakers is het belangrijk te weten dat de provincie bereid is tot handhaving wanneer bedrijven structureel buiten hun vergunning handelen.
De verdere procedure hangt af van dossieronderzoek en eventuele juridische stappen van de betrokken pluimveehouders. De provincie heeft bevestigd dat er nader onderzoek volgt en dat uitspraken over individuele dossiers pas gedaan kunnen worden als alle feiten zijn vastgesteld.
Voor nu staat vast dat in Noord‑Brabant de spanning tussen landbouwpraktijk, vergunningregels en de vraag naar effectieve stikstofreductie opnieuw scherp zichtbaar is. Dat leidt tot handhaving en mogelijk tot verandering van de bedrijfsvoering bij meerdere pluimveehouders in de regio.